De lawine

Sander Verwer

Persoonlijk ben ik geen grote fan van de Arctic Monkeys; ik kan ze elke week maar 10 minuten horen voordat het weer genoeg is geweest. Vandaar dat ik me nooit erg diep in ze heb verdiept. Toch denk ik iets van ze te weten dat aanleiding genoeg is om ze hier even inleidend te noemen. Zijn de Arctic Monkeys niet de eerste globaal doorgebroken band zonder hiervoor een platenbaas nodig te hebben gehad? Waar het altijd de gewoonte was je als band met het opsturen van demo’s en het lobbyen bij de juiste mensen in de kijker te spelen, keerden de ijzige aapjes dit ondersteboven en voltrokken het proces in tegengestelde richting. Middel? De nieuwe media. Niet de machtige top in de muziekwereld, maar de enthousiaste mensenmassa verspreidde hun muziek. Vertaald naar de politiek bieden de nieuwe media interessante manieren voor daadwerkelijke democratische vernieuwing.

En deze is nodig, want de ‘platenbazen’ in Den Haag vervallen hoe langer hoe meer in populisme. Men speelt het deuntje dat Nederland wil horen. De volksvertegenwoordigers lijken zelf ook niet meer te weten wie er nu vertegenwoordigd wordt. Hiermee komt de legitimiteit van het heilige democratische vuur in het gedrang: politici wordt verweten ideearme managers van de openbare ruimte te zijn die voor de camera’s vechten om het grootste stukje eenheidsworst. Hoe groter het gewenste publiek, hoe algemener men zich moet uitdrukken: daar waar het zwaard zelf aanzet tot geweld, zet de camera aan tot populisme. Is de huidige vorm van democratie een staatkundig eindpunt, of bestaat het gevaar dat het onder zijn eigen successen bezwijkt en implodeert?

Het achterliggende idee van democratische vernieuwing zal mijns inziens dan ook inhouden dat er verder geëxperimenteerd moet worden met het decentraliseren van de macht. De politiek lijkt zich dit te realiseren en schreeuwt om hulp: “Doe nou eens meehee! Participeer nou! Tsjongejonge…” Daar waar verantwoordelijkheid voor de openbaarheid ook bij het individu wordt neergelegd, lijken de bestaande machtsstructuren hier nog onvoldoende op berekend. Er lijkt nog te veel wantrouwen te heersen om macht, (lees vooral:) publieke gelden, over te dragen aan burgers.

Volgens mij schuilt in de nieuwe media zowel de oorzaak als de oplossing voor het probleem van de legitimiteit van democratie. Naast muziek zijn de nieuwe media ook in staat mensen enthousiast te maken voor ideeën. De mate waarin dit gebeurt is door het hierboven genoemde wantrouwen richting de burger echter nog zeer klein. Het maatschappelijk klimaat is zodanig dat de nieuw ontstane mogelijkheden voor de moderne democratie onvoldoende tot bloei kunnen komen. Politiek is voor de meesten een ver-van-mijn-bedshow, waarbij de sterren van de politiek vanuit de luie stoel gevolgd worden. Feit is echter dat de politieke sterren hier zo weinig inspirerende ideeën tegenover stellen, dat het de hoogste tijd lijkt de burger van de politiek te emanciperen. Pas dan is de apathie van de burger om te buigen in hoop en daadwerkelijke participatie. Pas dan kunnen de nieuwe media ook op politiek vlak vruchten gaan afwerpen.

Hier ligt voor ons dan ook een schone taak weggelegd. Deze emancipatie is volgens mij pas mogelijk wanneer de burger inziet dat de politiek echt niet op alles een antwoord heeft. Ook politici zijn namelijk burgers, burgers op een voetstuk. Het is dit voetstuk waar wij ons op kunnen richten, en het toverwoord hierbij is volgens mij ironie. Ironische inbreng in het publieke debat zorgt op de juiste manier voor de afbreuk van de manier waarop bestaande machtsstructuren worden ervaren. Ironische inbreng past daarnaast ook goed bij onze bottom-up gedachten, het zorgt er namelijk voor de vermenselijking van de politieke sterren en daarmee een groter gevoel van (gelijk)waardigheid van de zichzelf machteloos achtende burger.


  • Facebook
  • Hyves
  • LinkedIn
  • MySpace
  • Twitter